Groen Mongolië en werelds Beijing

20 mei. We staan rustig op, niet exact wetende hoe laat het ontbijt vandaag komt. Rond 8.00 uur is het zover. Vandaag hebben we droge koeken, die een stuk beter smaken als we chocopasta en jam pakken. We ontmoeten na het ontbijt een groepje Italianen die ook naar onze bestemming toe moeten, namelijk de Ulaan Tsutgalan waterval. De chauffeurs hebben afgesproken dat we samen gaan oprijden, het geen wat dan ook gebeurd. De eerste stop wordt het publieke douchegebouw. Helaas is er vandaag één of andere ‘public holiday’ waardoor het gebouw dicht zit. Helaas geen douch na drie dagen zand. Dan maar samen naar de supermarkt en samen diesel tanken. Niet bij een pomp maar zo direct aan de tankwagen. Wij rijden achterop en dat is door het opstuivende stof van de voorste niet heel prettig. Aangezien de chauffeur geen Engels verstaat lukt het uiteindelijk met gebaren om meer afstand te creëren. De route naar de waterval is niet meer dan 50 kilometer maar toch duurt de trip circa vier uur. Dit komt doordat de tracks die we volgen heel slecht zijn. Gelukkig biedt de omgeving met heuvels, veel gras en water veel afwisseling. Daarnaast lopen er voldoende paarden, yaks, koeien, geiten en schapen. De vele adelaars en de verschillende gertenten maken het plaatje af. Tijdens onze lunch kunnen we eindelijk zonder al te veel wind met onze gekochte frisbee spelen. Het eten bevat weer pasta in combinatie met aardappel, eigenlijk een beetje hetzelfde als de afgelopen zes dagen. Bij aankomst blijkt de waterval nagenoeg droog te zijn. Zo snel kan het wisselen hier, aangezien bezoekers vorige week nog een volle waterval zagen.

Wij beslissen dan ook maar om in de vallei af te dalen en onszelf eens flink op te frissen in het water van de stromende rivier naast de waterval. Opfrissen wordt het zeker aangezien het water nog ijskoud is (niet gek aangezien er nog steeds brokken ijs langs de rand van de vallei liggen). Rhianne wast zelfs haar haar er Erwin kan prima scheren. Zeep gebruiken we zo min mogelijk aangezien dat niet goed is voor de omgeving. Toch voelen we ons flink opgeknapt. Bij terugkomst gaan we eten en jawel noodlesoep met aardappel en weinig groente. Na het eten trakteren we de groep chauffeurs en mede reizigers nog op stroopwafels uit Nederland. Wij krijgen van de Italianen een glas  Genghis Khan vodka, die 5 jaar geleden met goud bekroond is in Los Angeles. Met behulp van een Mongool wordt de houtkachel in de ger flink opgestookt. Aangezien de thermostaat ontbreekt, wordt het al snel van behaaglijk warm bloedheet. Een ander nadeeltje van deze kachel is dat er op tijd nieuw hout op moet aangezien anders opnieuw begonnen moet worden met opstoken.

21 mei. Ondanks dat het midden in de nacht toch flink koud geworden is in de ger hebben we lekker geslapen. Ville reist vandaag verder terwijl wij blijven. Gelukkig kan Ville met de andere groep mee anders had onze driver heen en weer moeten rijden. Nu is hij in de gelegenheid om te gaan vissen bij de kleine waterval dicht in de buurt en wij vergezellen hem. De “kleine” waterval blijkt niet meer dan een verdieping in de rivier maar bevat wel veel meer water. Als blijkt dat de vissen niet willen bijten geeft onze driver het vrij snel op en gaat terug naar het kamp. Wij blijven even lekker zonnen en lopen daarna langs de rivier terug. In de poel onder de grote waterval, die inmiddels helemaal droog staat, zien we een heleboel vissen. Natuurlijk vertellen we dit onze driver want wij willen graag vis als afwisseling bij het avondeten. Tijdens onze lunch observeren we een aantal arenden die boven het kamp zweven. Eentje is zo brutaal dat hij tot op anderhalve meter van Rhianne vliegt om haar bakje af te pakken. Na de lunch voegen we ons weer bij onze visser, hij heeft nog niets gevangen aangezien aas lastig te vinden is. Wij geven hem ons oude brood en blij als een kind gaat hij aan de slag. Het duurt ruim een half uur voor hij een flinke vis aan de haak slaat. Deze wordt netjes bewaard in een kleine plas met water en vol goede moed gaat hij verder. Nog zeker anderhalf uur blijft hij proberen tot een groep met Mongoolse mensen langs komt en begint te schreeuwen tegen de driver. Deze stopt daarop met vissen en later blijkt dat het volgens de Nomade regels niet is toegestaan om te vissen op plekken waar de vis niet weg kan. Dat is namelijk het geval, want door de droogte is namelijk de zijrivier opgedroogd. Weer wat geleert!

Voor ons diner krijgen we dus weer ongeveer hetzelfde te eten, maar wederom smaakt het prima. Na het eten nodigen we onze driver en kok uit om te komen frisbeeën. Vooral de driver blijkt erg bedreven in het spelletje. ‘s Avonds gaan we naar onze Australische vrienden toe die verderop in de vallei hun kamp hebben opgeslagen. In de schemering frisbeeën we nog even om warm te blijven en daarna trakteren we op lokaal bier en maken we er een gezellige avond van. Bij terugkomst is het koud in de ger, dus opstoken maar die kachel! Heerlijk warm gaan we slapen.

22 mei. Ons ontbijt bestaat uit een zak cakejes en alles van de dag ervoor. Gelukkig kunnen we het zelf nog aanvullen met appel en sinaasappel. We trekken door de groene Orkhon vallei en volgen voor een groot deel de Orkhon rivier. We stoppen bij een brug en proberen nogmaals om vis te vangen voor de lunch. Ondanks dat Erwin expert blijkt in pieren vinden, lukt het de driver niet om iets te vangen. De lunch in de middag wordt dan ook rijst met potgroente en pastasaus, máár zonder aardappel! Net na de lunch begint het te regenen. Het moment voor de chauffeur om de ruitenwissers aan te sluiten (Ja, dat is goed gelezen). Helaas blijken ze werk te weigeren waardoor we met iets minder zicht onze trip vervolgen en al snel wordt het weer droog. Halverwege de middag komen we aan bij Erdene Zuu. Dit klooster is het oudste Boeddhistische klooster van het land en staat op de werelderfgoedlijst van UNESCO. We krijgen een rondleiding door de drie hoofdtempels van het complex en dwalen daarna zelf nog wat over het terrein. De poort naar de schildpad in de resten van de oude stad Karakorum blijkt gesloten te zijn dus vragen we onze chauffeur om het complex heen te rijden. We waaien zowat omver als we naar de schildpad lopen. Van de oude stad is niet meer over dan een enkele baksteen. Onze overnachting is op een klein gerkamp bij een familie. De vrouw des huizes heeft een klein souvenirwinkeltje waar we wat leuk dingen kopen. Aangezien de ger geen kachel meer heeft en wel een gat in het dak koelt het enorm af in de tent. Dit wordt dus de koudste avond tot nog toe.

23 mei. Dit keer ontbijten we met alleen nog chocolade koekjes. Gelukkig hebben we nog appels ter aanvulling. Aangezien wij als onze spullen al bij de bus hebben staan vergeet de kok het bestek. Gelukkig denken wij daar dan zelf aan. We gaan nog even terug naar het klooster om mooie foto’s te maken met blauwe lucht. Nog een klein stukje hobbelweg voor het asfalt begint. Dit volgen we een poos. Het landschap verandert snel. Eerst groen, daarna wat meer rotsig tot er wat meer zand komt. We zijn dan bij Mongol Els. Hier stoppen we aan het eind van de ochtend bij onze laatste nomade familie. Doordat we zo vroeg zijn, zijn we in de gelegenheid om alvast wat foto’s uit te zoeken. Een flink werkje inmiddels. We spelen een poosje met de dochter van het nomade gezin, terwijl de vader ondertussen een aantal paarden bijeen aan het drijven is. Wij gaan namelijk na de stevige lunch een uurtje paardrijden. Het is van ons beide niet onze grootste hobby, maar het zat in de tour inbegrepen en het is heel typisch voor Mongolië. Dus kijken we toe hoe de paarden eerst gevangen worden, dat willen ze niet. Vervolgens elkaar beginnen te bijten (blijkbaar vinden ze elkaar niet lief) en dan gezadeld worden. We worden uitgenodigd om op te stappen. Dit gaat voor Rhianne soepel terwijl Erwin zijn paard halverwege het opslingeren ineens begint te draaien. Pff we zitten. Rhianne haar paard mag loslopen terwijl Erwin zijn paard strak wordt vastgehouden door onze begeleider. We gaan op pad. Terwijl Erwin voorop gaat met de begeleider, blijft Rhianne haar paard ondanks herhaaldelijk aanroepen staan. Uiteindelijk met veel moeite komt het beestje op gang. Als de man maar genoeg op het paard zijn kont tikt loopt het wel… We prutsen een halfuurtje en zijn dan aan de voet van de Hogno Han Uul (berg) die we deels lopend gaan beklimmen. We genieten boven even van het uitzicht over de vallei voor we ons weer bij de paarden voegen. Hierna gaan we naar de ger terug wat een stuk soepeler gaat. Rhianne heeft namelijk een zweepje gekregen waardoor er wat meer tempo in haar paard komt.

Bij thuiskomst beslissen we ons gelijk klaar te maken voor een flinke wandeling. We volgen de kleine rivier een stukje en moeten deze ergens oversteken om bij de zandduinen te komen. Op het smalste stukje (nog steeds heel breed) lukt het Erwin net om de overkant te halen met slechts 1 natte voet. Rhianne komt helaas is minder goed terecht en wat opspattend water zorgt voor een nat geheel… Op een oude zak proberen we van de duinen af te glijden maar dit lukt niet echt. Dan maar gewoon spelen in het fijne zand. Als we er genoeg van hebben wandelen we rustig terug naar het gerkamp. Precies tussen de rivier en de duinen ligt een klein stuk met een aantal bomen. In deze tijd van het jaar hebben een aantal vogels hier nesten gebouwd. In één van de bomen nestelen een tiental reigers tegelijkertijd. Van dichtbij zijn we nog getuige van een aanval van een arend op de nesten. Eenmaal terug op het kamp duurt het niet lang voor ons diner bestaande uit vleesdumplings verschijnt. Hierna is het tijd om de kachel aan te steken en nog even te lezen en te studeren.

24 mei. Vannacht hebben we bijzonder matig geslapen. Midden in de nacht is het zo hard gaan waaien dat het doek van de ger is gaan klapperen. Pas als we deze weer hebben strak getrokken schut ons bed ook niet meer. We maken ons op voor de laatste 280 kilometer richting Ulaanbaatar. We hoeven nog maar een klein stukje track en dan is het weer asfalt. De kilometers schieten onder ons weg en voor we het weten stoppen we. “lunchtime” roept onze driver, sorry het is pas kwart over tien. We hebben weinig keus en dus eten we een lap vlees, rijst en aardappel maar als aanvulling op ons koekjes ontbijt. Nog een halfuur later arriveren we bij het Khustai nationaal park. Hier willen we graag de Przewalskipaarden spotten. Dit zijn de enige nog in het wild levende paarden ter wereld. De eerste exemplaren zijn in Nederland gefokt en in 1992 uitgezet. We krijgen van de manager een verrekijker mee en zij instrueert onze chauffeur waar de beste spot mogelijkheden zijn. Aangezien we weten dat de paarden nu hoger in de bergen zijn turen we alle bergruggen goed af. We zien verschillende marmotten wegschieten maar nog geen paarden. Uiteindelijk spot Erwin op een flinke afstand een koppel paarden. Gelukkig hebben we een goede zoom op de camera en ook met de verrekijker kunnen we de paarden prima waarnemen.
Kort na deze spotting keren we terug naar het bezoekerscentrum. Hier kijken we nog een film over het park en valt ons op dat de televisiekast vroeger van het Nederlandse Staatsbosbeheer geweest is. Nog één keer pakken we een stuk gravel voor we weer op de hoofdweg zitten. Het wordt steeds drukker op de weg en uiteindelijk bereiken we Ulaanbaatar. Vanuit de auto “genieten” we van de chaotische situatie in de Mongoolse hoofdstad. We rijden stukken file en blijven ons verwonderen dat zo weinig mensen worden aangereden terwijl iedereen overal oversteekt Eenmaal terug bij UB guesthouse moeten we even wachten tot we de rest van onze trip kunnen betalen en dan worden we bij ons eigen Ovootel hotel teruggebracht. We geven onze chauffeur ons Mongools- Engelse vertaalboekje in de hoop dat hij zijn Engels nog wil gaan verbeteren. De kok krijgt onze frisbee zodat hij deze kan gebruiken voor andere trips. We krijgen onze vertrouwede dormkamer terug en hier ontmoeten we Jurre, een 26 jarige wiskunde docent die al een jaar aan het rondtrekken is. We hebben een erg leuke conversatie met hem en voor we het weten is het al acht uur en moeten we snel nog wat eten gaan halen. We trakteren ons zelf op een hele grote bak met salade en genieten hier echt van na al die dagen zonder groenvoer in de woestijn. Ook de douche is heerlijk na 8 dagen zonder…

25 mei. Als we een beetje bijgeslapen hebben op de heerlijk zachte bedden brengen we onze was weg en gaan dan met de bus op weg naar de black market. De bus is lekker vol maar gelukkig vallen de files in de stad mee. Voor 400 tukrit (+- €0,25) per persoon sparen we ons een wandeling van ruim een uur uit. Op de markt kunnen we behalve de complete inrichting voor een ger, ook kleding, fietsen en nog veel meer kopen. Een deel van de markt is ingericht als vlooienmarkt. We vinden nog een leuk muziekinstrument en wat andere souvenirs. Aangezien we het Natuur Historisch Museum nog willen zien verlaten we de markt. Het museum is enigszins gedateerd en de meeste dieren zijn niet heel mooi opgezet. Het mooiste gedeelte van het museum is het deel met de dinosaurusfossielen. In Mongolië zijn behoorlijk veel fossielen gevonden die in dit museum worden tentoongesteld. Aan het einde van de dag duiken we nog één keer de grote warenhuis in aan de Peace Avenue. We kopen hier onder andere nog het ankle bone spel. Dit traditionele spel is gemaakt van schapen botjes en kent vele variaties. Aangezien er diverse restaurantjes in het warenhuis zitten beslissen we om hier te blijven eten. Vlak bij ons hotel slaan we nog wat Mongoolse Vodka in wereldwijd geroemd, maar slecht verkrijgbaar buiten de landsgrenzen. Helaas is bij thuiskomst onbekend of onze was al klaar is. Als ze vragen of we de tas bedoelen die onder de desk staat weten we genoeg, vergeten…. Dan nog maar een paar dagen onze vieze kleren aan.

26 mei. Op de respectabele tijd van 5.00 uur staan we op om te zorgen dat we op tijd zijn voor onze transfer naar de trein. Trein nummer vier zal ons in Beijing gaan brengen. Het valt direct op dat deze trein een stuk ouder en viezer is dan de vorige treinen. Gelukkig hebben we nog wat babydoekjes over om het raam te kunnen schoonmaken. Met enige acrobatiek (Erwin staat op de knie bij Rhianne) lukt het net om schoon te maken. In onze coupé ontmoeten we Mike en Craig, twee mannen uit het Engelse Sheffield. Al binnen tien minuten staat onze trein voor lange tijd stil. De reden is een andere trein die komt over het enkel spoor. De trein slingert door het landschap en aangezien van deze trein de ramen wel open kunnen zijn we in de gelegenheid mooie foto’s te maken van de voorkant van de trein. We hebben het met onze coupé genoten over van alles en nog wat. Zo ook het Engels. Wij laten de grammatica zien van Erwin zijn studie en daar zijn ze zwaar verbaasd over.

Tegen de avond gaan we nog even snel eten in het Mongoolse restauratierijtuig om zo voor de Chinese grens onze laatste Tukrits op te maken. Zoals gewoonlijk is de halve menukaart niet beschikbaar (alleen de dure gerechten) maar slagen we toch in ons doel. Om 19.00 uur arriveren we bij de Mongoolse grens. Het grote wachten kan weer beginnen. Gelukkig verloopt de paspoort check soepel en kunnen we binnen anderhalf uur weer verder. De Chinese grens is een avontuur op zich. Na het invullen van de nodige paperassen worden onze paspoorten ingenomen. Als we deze een half uur later terug krijgen zijn ze voorzien van een stempel. Joepie we mogen ook China in. Als beloning voor het lange wachten?! krijgt iedereen in de trein een voucher voor een gratis ontbijt en lunch. Maar goed we zijn er nog niet want aangezien Rusland en Mongolië een andere spoorbreedte kennen dan China moeten onze onderstellen nog gewisseld worden. Een deel van de passagiers beslist om dit vanaf het station te bekijken en een ‘party’ te gaan houden, wij beslissen in de trein te blijven. Dit blijkt een hele goede keuze aangezien we het proces heel goed kunnen zien. Nadat de trein in tweeën gesplitst in een hal neergezet is worden alle wagons opgehesen. Via een ingenieus systeem worden vanaf de voorkant de nieuwe wielen onder de trein geduwd terwijl de oude wegrollen. Kijk maar eens bij dit filmpje.

Het hele proces neemt ongeveer een uurtje in beslag. Om half twaalf zijn we terug op het station en daar beslissen we de rest van de groep op te zoeken aangezien we nog anderhalf uur moeten wachten. We worden direct bedolven onder de vragen hoe het was en het filmpje wordt gelijk gedeeld. Op het perron vermaken we ons nog met het eerste Chinese bier voor we de trein weer in moeten. Hier blijft het nog lang gezellig.

27 mei. Vandaag om half 8 op om op tijd te zijn voor ons gratis ontbijt in het, inmiddels Chinese, restauratierijtuig. Het ontbijt bestaat uit twee sneetjes wit brood, thee, jam en twee hardgekookte eieren. Wat we kunnen smeren, met uiteraard stokjes! Met het passeren van de grens is de oneindige leegte in het landschap verdwenen. Overal zijn huisjes te zien en er wordt veel landbouw bedreven. Net na de lunch komt nog een prachtig stuk van de route. De trein slingert nog veertig kilometer door de bergen. Doordat aan de andere kant van het dal ook een spoor ligt krijgen we de kans mooie foto’s te maken. Als we de bergen achter ons laten doemen de eerste buitenwijken van Beijing op. Om een indruk te krijgen van de grote van de stad, we hebben maar liefst een uur nodig om het centraal station te bereiken. Toch wel gek om na zoveel dagen de trein te verlaten maar een fantastische ervaring is het zeker. Ons eerste doel in de stad is geld pinnen. Dit bleek de vorige reis al lastig (6x proberen) maar nu hebben we meer geluk. Al bij de tweede bank krijgen we geld. Dan kunnen we met de metro tot vlak bij het hostel. Het Leo hostel waar we slapen ligt in een Hutong wijk niet ver van het Tiananmen Square. We doen even een poosje rustig aan, pakken een douche en regelen de was opnieuw, voor we de stad in gaan. We komen rond zonsondergang aan op het grote plein. Hier zijn we nog net getuige van het strijken van de vlag wat met de nodige ceremoniële poespas gebeurd. Kort hierna wordt het plein afgesloten. We beslissen terug te lopen om traditionele Peking eend te gaan eten. Helaas blijkt het restaurant wat beroemd is om zijn kwaliteit net gesloten te zijn. Een slimme Chinees wijst ons een ander restaurant en daar gaan we dan ook heen. Hier nemen we geen eend maar delen wel een heerlijke soep groot genoeg voor drie personen en vlees met ananas en zoetzure saus. Dan is het tijd om ons bed op te zoeken.

28 mei. Als enige dag van de week is voor deze dag regen voorspeld. Dit is vannacht al begonnen en dat was slecht voor onze was die de housekeeping buiten had laten drogen. Alles is dus nog nat, dan nog maar een dag hetzelfde shirt. We hebben gekozen voor een deels binnenprogramma vandaag. We gaan naar het militaire museum toe, dit museum is gratis, alleen een ID bewijs laten zien is voldoende. Dat in dit museum allerlei legervoertuigen en vliegtuigen tentoongesteld worden zal geen verrassing zijn, maar dat er voornamelijk buitgemaakte attributen zoals Amerikaanse en Japanse te zien zijn maakt op ons wel indruk. Jammer genoeg is het oorspronkelijke gebouw sinds januari gesloten wegens verbouwing (lees: gebouw volledig gestript) maar gelukkig zijn in een aantal tijdelijke schuren wel veel voertuigen en vliegtuigen te zien. Als we het terrein weer verlaten doen we ons te goed aan een heerlijke crêpe en een minder lekker worstje. Het blijkt dan ook geen echte worst te zijn, maar de vulling is een pasta gemaakt van gemengde meel, gist rode rijst poeder en een saus. Dit was niet onze favoriet! We duiken weer onder de grond en komen pas boven bij het Olympisch park. Dit was het belangrijkste deel van de Olympische Spelen van 2008. We bezoeken hier de watercube. Het grote zwemcomplex wat nu dienst doet als zwemparadijs en expositie ruimte. Binnen kan je vissen melk geven uit een fles aan een stokje. Een expositie die nu te zien is blijkt Lego gerelateerd. Natuurlijk moeten wij even bouwen. Wat ons opvalt aan het complex is dat het ondanks dat het pas 5 jaar oud is al flink wat achterstallig onderhoud heeft en behoorlijk vies is.

Dit is bij het nationale stadion alleen maar erger. De staalconstructie van het vogelnest, zoals het stadion ook genoemd wordt is echt dof geworden. Toch blijft het een imposant bouwwerk wat we graag van binnen zien. Een deel is ingeruimd als expositieruimte waar attributen te zien zijn van onder andere de opening van de spelen. Wij maken ook van de mogelijkheid gebruik om op het dak van het stadion te gaan kijken. Op de plek waar namelijk de Olympische vlam gestaan heeft is nu een uitkijkpost gemaakt. Aangezien het al tegen vijven loopt gaan we terug naar het hostel voor het avondprogramma. Dit bestaat uit een acrobatiek voorstelling ‘Legend of Jinsha’. De voostelling van een uur is geweldig. Vooral 10 danseressen op één fiets en de 5 motors die in een stalen bal van nog geen 8 meter doorsnede rijden maken veel indruk. Na afloop van de show proberen we nog wat Chinese zoetigheid uit met wisselend succes.

29 mei. Met een druk programma voor de boeg staan we vroeg op. De tassen worden gepakt aangezien we de komende nacht bij de Chinese muur gaan slapen. Voor dat gaat gebeuren willen we eerst de Verboden Stad zien. Na enige verwarring over de ingang en een aardige rij voor de kassa’s zijn we eindelijk binnen in het immense complex. Met student Rhianne als audiogids en Erwin als fotograaf steken we rechtdoor langs alle beroemde (en minder beroemde) tempels. Bij iedere tempel kan een foto van het mooie interieur gemaakt worden, tenminste als we net als de Chinezen onze ellenbogen gebruiken om een goed plekje te krijgen. Het weer is met 30 graden en veel zon heerlijk te noemen. We stoppen dan ook even voor een ijsje. Jammer dat het groente ijsje met erwten van Erwin wat minder smaakt. Aangezien we om één uur vertrekken richting de muur moeten we op gaan schieten om op tijd te zijn.
Alleen de uitgang blijkt flink omlopen te zijn. Als we eindelijk terug zijn bij het Tiananmen square is de kortste onderdoorgang afgesloten en moeten we langs de security en over het plein. Precies 13.10u zijn we bij het hostel en hier blijkt onze chauffeur in de file te staan. Pff gehaast voor niets. We krijgen een broodje gezond als lunch en gaan op weg. Op de snelweg vallen we beide in slaap aangezien het best een vermoeide ochtend was. Vlak voor Badaling belanden we in een flinke file. In onze ogen ontstaat een chaos met vrachtwagens die op alle drie de beschikbare banen rijden en net als auto’s continu switchen van rijbaan. Er wordt dan ook heel wat af getoeterd op dit stukje asfalt. De muur die wij gaan bezoeken zit aan het niet toeristische deel van Badaling, namelijk het oude gedeelte. De gids loopt een klein stukje mee, maar moet terug om de auto terug te brengen. Wij hebben zolang we willen en kunnen zelf bepalen hoever we willen lopen. Het begin is mooi gerestaureerd, maar al snel veranderd dit. De stenen liggen los en op sommige plekken banen we ene pad door de struiken. Met de warmte is dit toch best zwaar. Behalve wij zijn vier chinezen op de muur waarvan één het eindpunt haalt bijna 4 km verderop. Nog twee uur wachten op de zonsondergang. Langzaam zien we de zon achter de berg zakken en krijgt de muur wel een hele mooie kleur. Daarna snel terug lopen om voor het donker beneden te zijn. Precies voor het donker zijn we van de muur af. Ons diner is al lang klaar en wordt warm gehouden in een grote thermospan. De rijst met groenten gaat er goed in! Na een wat moeizaam gesprek komen we er uit dat we er vroeg uit moeten voor de zonsopgang, op tijd naar bed dan maar na een vermoeide dag.

30 mei. Half vier gaat de wekker. We gaan nogmaals naar de muur, alleen nu om de zonsopkomst te bekijken. De klim is vandaag wel heel pittig tot de vierde wachttoren maar het uitzicht is op deze tijd fantastisch. We wachten tot de muur volledig in de zon staat en gaan dan terug naar beneden. Hier wacht onze inmiddels ongeduldige gids met auto. Het is nu zes uur en we moeten voor 7.00 uur in Beijing terug zijn. Dit heeft te maken met de beperking die de overheid heeft opgelegd om de luchtkwaliteit te verbeteren. Elke auto heeft, bepaald aan het laatste nummer van de kentekenplaat, een dag waarop niet gereden mag worden in de stad. Snel onze tassen pakken en go! Het is slechts 60 kilometer maar onze chauffeur knalt er vandoor met snelheden tot soms wel 160 km/u, terwijl slechts 100 km/h op de snelweg is toegestaan. Alle banen inclusief de vluchtstrook worden gebruikt en ondanks dat dit vrij normaal is vinden wij het maar niets. Net voor zevenen belanden we in de dagelijkse file van Beijing zodat we alsnog pas om 7.30 aankomen bij het hostel. Minimaal één boete rijker van 300 yuan (circa 35 euro) voor het negeren van het rijverbod, arriveert de auto op plaats van bestemming. We beslissen eerst te eten voor we heerlijk gaan douchen en een beetje bijslapen op de tweepersoonskamer die we voor de laatste twee nachten geboekt hebben. Tegen de middag lopen we door de Hutong wijk waar het hostel in ligt en bezoeken een lokale groente- en fruitmarkt. Daarna pakken we de stadsbus naar de Temple of Heaven. De tempels met het park hier om heen zijn prachtig. Aangezien het inmiddels een graad of 36 is blijven we zoveel mogelijk in de schaduw en trakteren onszelf op een ijsje. Als we genoeg gezien hebben pakken we weer een bus en gaan naar de Wangfuijng straat. Vlak hierbij zit een winkel waar grote Chinese vliegers verkocht worden. Aangezien we deze al wat langer willen hebben wordt deze netjes voor ons ingepakt. Natuurlijk brengen we een bezoek de avondmarkt waar allerlei vreemde gerechten verkocht worden zoals gefrituurde schorpioen, duivenkuikens, vleermuizen e.d. Hier proberen we e.e.a. en kopen nog wat souvenirs. Ook bezoeken we een groot warenhuis, waar we leren dat ‘vaste prijzen’ helemaal niet vast zijn. Ook hier is het normaal om flink af te dingen, al is het niet zoveel als op de markt. Dan lekker terug naar het hostel voor wederom een heerlijke douche en een prima bed.

31 mei. De laatste volle dag van onze trip wordt er één met nog wat leuke activiteiten. Na een beetje uitslapen gaan we richting de Silk Market voor wat laatste souvenirs. Hier komen we alleen nooit aan. We stranden namelijk in een andere winkelstraat waar zoveel souvenirs te koop zijn dat we even terug moeten naar het hostel om wat spullen terug te brengen. Hierna beslissen we om in plaats van de markt te bezoeken met de bus naar het Jingshan park te gaan. Hier eten we een lekkere bun en gestoomde mais, voor we ons op de pagodes gaan vergapen aan het uitzicht over de verboden stad. Natuurlijk mag het eten van Peking eend niet ontbreken bij een bezoek aan Beijing. Deze gaan we dan ook eten in het Bianyifang restaurants die hoogt scoort bij het bereiden van dit gerecht. Het restaurant ligt in een winkelcentrum. Dit verbaasd zelfs ons qua grote, terwijl we er inmiddels toch al heel wat gezien hebben. Na eten gaan we vlug naar het hostel terug. Er staat namelijk nog een toetje te wachten in de vorm van een Kung Fu voorstelling. Deze op meditatiegerichte zelfverdedingssport is enorm populair in China. Tijdens de Legend of Kung Fu wordt het verhaal verteld van een gewone jongen die Kung Fu Master wil worden. Alle stappen worden doorlopen en met veel spektakel sluiten we een geweldige trip af. Als de voorstelling klaar is wacht ons nog één project, namelijk het inpakken van alle spullen en de souvenirs in onze tassen. Het is dan ook al rond middennacht als we eindelijk kunnen gaan slapen.

1 juni. We staan om half zeven naast ons bed. Vandaag is dan toch echt de terugreisdag naar Nederland. Precies volgens schema zijn we 10 minuten eerder bij de metro dan gepland. Lijn 2 brengt ons naar de airportexpressmetro en hiermee zijn we binnen een half uur op het vliegveld. De incheck is snel geregeld en bij de douane zijn we bijna alleen. We houden nog ruim een uur over voor vertrek. Aangezien er verder bijzonder weinig te doen is gaan we bij de Starbucks maar even thee en een muffin halen. Op de gate staat ons Boeing 747 al te wachten om ons terug te brengen. Toch lukt het om met een vertraging van ruim 10 minuten op te stijgen. De vlucht duurt bijna 9,5 uur maar dat is niet erg met de multimedia die beschikbaar is. Door de vele bewolking is er buiten weinig te beleven, alleen van Scandinavië kunnen we een stukje zien. Vlak daarna is ook het moment dat de daling wordt ingezet. Ongeveer een kwartier voor schema landen we weer waar we precies een maand geleden begonnen zijn. Natuurlijk pakken we de zelfcheck om het land weer binnen te komen en scheelt ons dit lang wachten bij de paspoortcontrole. In de aankomsthal staan Erwin zijn vader, broer en nichtje Ilse ons op te wachten. Eenmaal weer thuis staat onze tuin vol met onkruid te wachten, twee flinke tassen met was maar ook ons eigen vertrouwde bedje. Voordat we hier gebruik van maken kijken we nog een keer naar alle souvenirs en zeggen dan: Wat een heerlijke reis hebben we gemaakt!!

Geplaatst in China, Mongolië | Laat een reactie achter

Nog even Rusland en dan Mongolië

9 mei. Midden in de nacht om half twee worden we gewekt door onze Provodnika, we hebben nog een uur om onze tassen in te pakken en te ontbijten. Als we uitstappen in Irkutsk is het half acht plaatselijke tijd en straalt het zonnetje vrolijk aan de blauwe hemel. We worden opgewacht door onze host Anne die ons de weg wijst naar ons taxibusje. De chauffeur hier van brengt ons naar het 55 kilometer verderop gelegen Listvianka. Vlak voor onze eindbestemming hebben we een schitterend uitzicht over het nog deels bevroren Baikalmeer. Het Baikalmeer is het grootste zoetwatermeer ter wereld en het water is glashelder. Op de achtergrond zijn bergen te zien met sneeuw en langs de kant van het meer liggen nog grote brokken opgekruid ijs. Bij onze homestay worden we begroet door Tanja, zij wijst ons de kamer met uitzicht over het Baikalmeer. Na de thee met stroopwafel gaan we op verkenning door het dorp. We stoppen even bij het herinneringsmonument van de slachtoffers van WOII. Hier staat een herdenkingsdienst op het punt van beginnen. Het is namelijk Bevrijdingsdag in Rusland. We krijgen net als andere gasten een bevrijdingslintje en zijn onder de indruk van de ceremonie. Er zijn wat speeches, er worden kransen gelegd en de plaatselijke politie geeft een demonstratie stevig marcheren.
In het dorp is ook het één en ander te doen. Zo is er een rommelmarkt, zijn er verschillende kraampjes met souvenirtjes en wordt er op de markt vers gerookte Omul vis verkocht. Aan deze plaatselijke specialiteit doen wij ons graag te goed. Net als de rijst en het brood smaakt de vis heerlijk. We ontmoeten een jonge student die in Irkutsk woont en ondanks zijn zeer beperkte kennis van de Engelse taal lukt het voor het eerst een aardige conversatie aan te gaan met een Rus. We maken een mooie wandeling langs het steenstrand, spelen wat met het soms nog metersdikke opgekruide ijs en klimmen langs de steile klif omhoog voor een prachtig uitzicht over het meer. We zitten nog geen vijf minuten in onze korte broek uit te rusten als het weer ineens snel veranderd. Het trekt dicht, het begint te spetteren en de wind neemt flink toe. We nemen de kortste weg terug naar het dorp. Hier bezoeken we nog even de toeristeninfo waarbij het Engels van de baliemedewerkers zeer beroerd te noemen is. Op de weg terug naar onze homestay pikken we nog twee Omul vissen op en doen ons te goed aan dit heerlijk diner.

10 mei. Aan het ontbijt ontmoeten we twee Franse toeristen die de Trans Mongolië route andersom doen. Dit geeft de gelegenheid informatie uit te wisselen. Het weer is gelukkig weer zonnig. Wij hebben voor vandaag het uitzichtpunt aan de andere kant van het dorp op de planning staan. Hiervoor lopen we een kilometer of vijf naar de kabelbaan die ons 750 meter omhoog brengt. Tijdens de wandeltocht langs het Baikalmeer valt op dat bijna al het ijs langs de rand verdwenen is. Vanaf de top van de heuvel waar we uitkomen, kunnen we nog wel veel ijs zien. Het uitzicht is werkelijk prachtig. In de winter kan vanaf deze helling geskied worden. Nu ligt er op de noordelijke helling nog wat flinke stukken sneeuw waar we ons even gaan vermaken. Erwin vindt een plaat hout die hij uitprobeert als slee. Het resultaat is te zien in dit filmpje: (volgt nog)
Na een uitgebreide lunch kerven we voor Erwin zijn zus nog een verjaardagswens in het ijs met uitzicht over het meer. We willen hier net een foto van maken als er een grote rookwolk vanuit Listvianka over het meer trekt. Helaas bederft dit het uitzicht en later blijkt dat men bezig is met het afbranden van lage vegetatie in het bos. We rusten even uit in de homestay en gaan dan nogmaals op pad naar het centrum om een diner te scoren. We eindigen net als gisteren op de vismarkt voor een typisch Baikal diner. Omul vis, steak, rijst en brood. Op de terugweg vermaken we ons nog even met ijsschotsen breken door stenen erop te gooien. Erwin denkt dat makkelijker te kunnen door naar het blok toe te lopen maar dit valt in het letterlijk ijskoude water vies tegen.

Kijk maar eens naar dit filmpje. (volgt nog)

Voor Rhianne is dit wel reden om het meer om te dopen in Bikkelmeer. Eenmaal thuis ontspannen we nog een poosje en gaan dan slapen.

11 mei. Om negen uur zitten we aan ons pannenkoeken ontbijt. Dan is het alweer tijd om onze tassen te pakken en terug te gaan naar Irkutsk. Onze chauffeur is keurig op tijd en zoals afgesproken stoppen we halverwege in het Taltsy museum of wooden architecture. Dit is een openlucht museum wat laat zien hoe in Siberië de afgelopen tweehonderd jaar is geleefd. Een aantal houten huizen zijn verhuisd vanaf de oorspronkelijke plek en herbouwd in het museum en een aantal zijn nieuw gebouwd. We hebben een uur de tijd dus snellen we ons door het museum. Soms kunnen we een kijkje nemen in een huis dat dan compleet ingericht is in oude stijl. We doen nog even oude spelen voor we ons weer bij onze chauffeur voegen. Hij zet ons netjes af bij de bagageopslag op het station. Als we na vijf dagen zonder internet (best goed te doen hoor), weer even het World Wide Web gezien hebben gaan we naar de stad. Irkutsk is de handelsstad van Siberië met ongeveer 600.000 inwoners. De stad heeft een aantal interessante gebouwen en een leuk centrum met een aantal overdekte markten. Hier kopen we eindelijk de nodige groente en fruit waar we al een paar dagen zonder doen. Als we na de lunch proberen een Russische verjaardagskaart te scoren ontmoeten we Vladimir. Een 23 jarige inwoner van Irkutsk en één van de weinige die goed Engels spreekt. Met hem kunnen we een tijd praten over de echte Russische cultuur die in toeristengebieden goed verborgen blijven. Als we nog willen proberen onze kaart te postten blijkt er wederom een feestdag te zijn in Rusland waardoor het postkantoor dicht is. Jammer! We beslissen om onze website nog even up to date te maken met de Wi-Fi van het Bier Haus. In dit café/restaurant  lopen alle serveersters in Duitse lederhosen. Omstreeks half 10 zijn we terug op het station om onze reis verder te vervolgen richting Mongolië. Met trein nummer 362. Deze trein rijdt dagelijks één keer tussen Irkutsk en Ulan Bataar. Onze coupé delen we deze keer met een Franse toerist. We hebben interessante gesprekken over de cultuurverschillen en gaan pas om 02.00 slapen.

12 mei. We worden vlak voor het station van Zagustay wakker. Het is dan half elf en we hebben in totaal 5769km er op zitten. Het is zonnig en we genieten even van de frisse lucht. Het blijkt dat de achterste helft van de trein is afgekoppeld vannacht en dat onze coupé nu de laatste is. Dit betekend wel dat er nu mooie plaatjes geschoten kunnen worden door het achterste raam. Onze boemel stopt tijdens deze 50 uur bijna elk uur. Best veel voor een Russische trein en zeker als blijkt dat de meeste stops niet meer dan 2 minuten duren. Het landschap is snel veranderd. Vooral het stuk langs het Gooselake is mooi. Aan de ene zijde het meer aan de andere kant de heuvels. Net voor we bij de Russische grens aan komen gaat de wc in de trein op slot, het is dan half twee. Op het station worden al snel onze paspoorten gecontroleerd en dan mogen we de trein uit om te wachten. Het is maar goed dat we even binnen blijven want binnen tien minuten wordt onze coupé losgekoppeld van de rest. Dit blijkt het begin te zijn van een spelletje wat nog het meest weg heeft van balletje-balletje of tikkertje. Zo’n tweehonderd meter buiten het station blijven we 15 minuten staan. Hierna worden we terug geduwd op een spoor naast de trein. Hier worden weer twee wagons achter gekoppeld en als geheel worden we voor de oude trein geduwd. Wij zijn dan inmiddels ruim twee uur verder. Aangezien de paspoortcontrole pas om vijf uur nog een keer komt gaan we even uit de trein om de laatste roebels op te maken. Bij een kraampje kopen we wat koekjes, water en chips. Eenmaal terug gaan we even bijslapen om de tijd te verdrijven. Eindelijk worden we gewekt voor de volgende paspoortcontrole wat weer het begin wordt van een nieuw circus. Maar liefst drie keer wordt het paspoort bekeken en de coupé wordt tot twee keer doorzocht op foute goederen. Lees: met zaklamp naar binnen komen lopen om je heen kijken en de bank omhoog doen om te kijken wat er onder ligt (tassen). Eindelijk kunnen we op weg naar de Mongoolse grensovergang. Het is dan half acht en zes uur later dan de aankomsttijd. In niemandsland gaat de wc voor 10 minuten weer open wat voor grote opluchting zorgt bij vele mensen in de trein. We krijgen een entry formulier en goederendeclaratie formulier die we moeten invullen. Bij de grens worden onze paspoorten wederom twee keer gecontroleerd en ten slotte ingenomen. De coupé en tassen worden opnieuw doorzocht en we krijgen nog een formulier voor een gezondheidsverklaring. Dan is het weer wachten geblazen tot de paspoorten terugkomen. Gelukkig is de klok een uur teruggegaan dus is het nog steeds acht uur. Rond half negen krijgen we onze paspoorten gestempeld en wel terug. Nu hoeven we alleen nog te wachten tot we aan een andere trein gekoppeld zijn die ook mee gaat richting Ulan Bataar. Dan wordt het vanzelf 21.05 en gaan we volgens schema! verder met de reis. Het hele traject van de grensovergang heeft dan precies 8,5 uur geduurd… Aangezien het inmiddels ook donker is en we morgen vroeg op moeten beslissen we om te gaan slapen.

13 mei. Al om 05.45u worden we gewekt door onze Provodnika terwijl we pas om 7.10u aankomen in Ulan Bataar. Zodra het een beetje licht wordt kunnen  we naar buiten kijken en blijkt de omgeving bedekt te zijn onder een witte laag sneeuw. Toch iets anders dan wij verwachtten na het zien van de weersvoorspelling van 25 graden en zonnig. Gelukkig blijkt de stad bij aankomst zonder sneeuw en is het een graad of veertien. Met de auto worden we naar ons hotel gebracht. Het verkeer in UB is op z’n zachts gezegd chaotisch met auto’s die overal kriskras door elkaar rijden. Bij aankomst blijkt de dorm niet erg goed te zijn. Behalve een aantal dozen en wat gestapelde matrassen is er niets. We kijken een beetje moeilijk en gelukkig krijgen we een andere kamer. Dit wordt een twee persoonskamer met eigen badkamer, luxe! We frissen ons op en gaan dan richting het centrum om een tour te regelen voor de komende dagen door het binnenland van Mongolië. Het verkeer is voor een voetganger nog een tikkeltje erger als wij dachten. En dan zijn we toch al wat gewend! Oversteken bij een driebaansweg is vooral niet blijven wachten, maar oversteken net als iedereen, voor een aankomende auto. Pff dachten wij dat Hanoi een uitdaging was met zijn miljoenen scooters. We bezoeken onderweg het Gandan Khiid klooster. Vervolgens lopen wij ook een rondje rond de gebedswielen ( tientallen ijzeren tonnen ) die om de Boeddha staan en draaien we ze allemaal.

In Nederland hebben we al mailcontact gehad met iemand van UB guesthouse om daar misschien onze tour mee te gaan doen. We hebben een goed gesprek en ze gaat kijken of er iemand met ons mee wilt om de tour wat leuker geprijsd te krijgen. We lopen door naar informatiecentrum en bezoeken het parlementsplein. Hierna gaan we onze kaarten posten. De postzegels zijn lekker groot, dus dat scheelt weer wat schrijfwerk.

Een andere organisatie blijkt pas vanaf juni weer tours aan te bieden naar de plek waar wij graag heen willen, namelijk de Gobi woestijn.

We verplaatsen ons lopend naar de andere kant van de stad een trip van een paar kilometer. Hier gaan we in het Nairamdal Park kijken naar een voorstelling van Tumen Ekh Song en Dance Ensemble. Ruim een uur worden we vermaakt met traditionele dans en muziek van artiesten die allemaal gekleed zijn in traditionele Mongoolse gewaden.

Na de voorstelling gaan we terug naar het centrum op zoek naar wat eten. Dit vinden we uiteindelijk bij een Mongools/Amerikaans restaurant. Nadat we gegeten hebben is het half tien. Gelukkig is de supermarkt tot 22.30 uur open en kunnen we nog even een ontbijt voor morgenochtend scoren. Als we terug zijn in ons hotel blijkt de verlichting op de kamer niet te werken. We laten iemand komen en ontdekken even later dat de lampen uit de fitting gedraaid zijn. Hij had alleen wel de mededeling dat we terug moesten naar de dorm, terwijl die ochtend was afgesproken dat we hier de nacht mochten blijven. Na veel handen en voeten werk en een telefoontje naar iemand die wel Engels spreekt mogen we toch blijven… Eindelijk kunnen we om 0.00 uur gaan slapen.

14 mei. We slapen een beetje uit en genieten dan van een uitgebreid ontbijt. Aan het eind van de ochtend gaan we weer fris op pad. We proberen bij het toeristencentrum informatie te krijgen voor een project wat we kunnen helpen met het geld van Koen. Helaas is Floppy nu nog minder gelukkig en blijken de projecten of door de overheid gesteund of zijn ze te ver weg. We beslissen naar het natuurhistorisch museum te gaan maar dit blijkt dicht op dinsdag. Dit geldt ook voor de vlooienmarkt. Later horen we dat dit maken heeft met het geloof van de Mongolen dat dinsdag de slechtste dag van de week is om handel te drijven. We bezoeken nog een muziekwinkel, die originele traditionele muziekinstrumenten verkoopt. Deze exemplaren blijken een beetje te ver boven budget te liggen om onze wereldverzameling aan te vullen, dus zoeken we nog even verder. Aan de Piece Avenue zit nog een groot warenhuis met een souvenirverdieping. Hier blijken veel souvenirs wat goedkoper te zijn. Hier slagen we wel voor een instrument. Natuurlijk mag als Nederlander een bezoekje aan Café Amsterdam niet ontbreken. Op het terras genieten van de drukte van de stad. Erwin slaagt er ook nog in een mooi glas van Tiger Beer voor weinig geld te kopen. Aan het einde van de middag gaan we terig naar UB guesthouse. Hier maken we de tour definitief. De eerste zeven dagen reizen we met Ville, een Fin uit Helsinki en de laatste drie dagen reizen we alleen.  Nu moeten we alleen de reis nog betalen en dat blijkt lastiger te zijn aangezien het hostel geen creditcards accepteert. We kunnen maximaal één keer per dag pinnen met een maximum van € 350, -. Gelukkig lukt het uiteindelijk. Nu snel naar huis om een flinke salademaaltijd te maken. De komende tien dagen wordt groente en fruit namelijk schaars. Mongolen eten namelijk bijna geen groente, aangezien ze in de binnenlanden geen akkerbouw willen aangezien het de overtuiging is dat dit slecht voor de grond is. Gelukkig lopen er wel veel dieren dus vlees is er voldoende.

15 mei. We moeten vroeg uit de veren om op tijd te zijn voor onze gids die ons komt halen. We zeggen even snel de Nederlanders gedag waarmee we in de trein naar Irkutsk samen waren. Buiten wacht onze witte Russische 4×4 op ons. De chauffeur is behoorlijk behendig in het chaotische verkeer. Waarschijnlijk komt dit door zijn veelvuldige toeter gebruik. Voor we de stad uitkunnen wordt door onze kok flink wat inkopen gedaan. Zelf kopen we veel appels, water en wat ander noodrantsoen aangezien we gehoord hebben dat de hoeveelheid eten nogal verschilt per dag. Eindelijk kunnen we hobbelt op weg over de slechte asfaltweg. De eerste stop is bij een tankauto. Dat scheelt toch zeker een paar cent in vergelijking met het tankstation waarvan er ook heel wat zijn.
Hierna stoppen we nog bij een grote Oval waar de chauffeur een keer omheen rijd. Dit brengt geluk onderweg. Hier na stopt de gaten weg en blijft alleen een hobbelige track over. Wij verwachten dat we pas bij een stad weer asfalt zien maar niets is minder waar. Na een half uur begint ineens een prachtig geasfalteerde weg die we gaan volgen. We stoppen voor de lunch en genieten van de stilte en ruimte om ons heen. We krijgen een heerlijke soep voorgeschoteld. Lekker voorzien gaan we de weg weer op die na een uur weer net zo plotseling ophoud als deze begonnen was. De wegen die nu niet meer zijn dan autobrede tracks variëren van redelijk tot zeer maar dan ook wel zeer hobbeling waarbij we flink worden doorgeschut. Het landschap wisselt behoorlijk. We zien onderweg na flinke stukken ijs die refereren naar de koude winter die pas geweest is. In Mongolië kan de temperatuur dalen naar -60 graden en in de zomer kan het 40 graden in de plus worden. Een aantal keren moeten we stoppen als de “weg” geblokkeerd wordt door koeien, paarden, schapen of geiten. Maar meestal volstaat flink toeteren en gaan de beesten vanzelf aan de kant. We stoppen af en toe om even van mooie uitzichtpunten te genieten. De mooiste stop is bij Baga gazriyn chuluu. Waar we prachtig uitzicht hebben over de vallei. De weg wordt ook een stuk ruiger en we moeten de vierwielaandrijving aanspreken om boven te komen. We komen aan bij twee gertenten waarvan één onze overnachtingsplek blijkt te zijn. De tent is eenvoudig ingericht met zes bedden en verder niets. In tegenstelling tot wat wij verwachten, blijken de waakhonden lief en blij te zijn. We krijgen thee en wachten op ons avondeten. Dit is een lekkere rijstmaaltijd met groente uit potje aangezien men vers niet kent.

Voor het geïmproviseerde toilet moeten we een halve kilometer lopen maar dan hebben we ook wel een mooie creatie; Het toilet is namelijk niet meer dan een kleine houten hut met een gat in de bodem en daarbovenop een WC pot. ‘s Avonds, in de donkere woestijn, moeten we best even opletten om de WC terug te vinden.

16 mei. Om 9.00 uur nemen we afscheid van ons nomade familie. Floppy trekt met zijn nieuwe Mongoolse hoed best wat bekijks. Zoveel zelfs dat de vrouw des huizes graag even met hem op de foto wil. Onze chauffeur rijdt in het begin niet heel erg hard en stopt een aantal keren voor een sanitaire stop zonder sanitair. De sporen blijven erg smal totdat we in de buurt komen van een stad. Dit blijkt Mandalgovi. Het is bizar om te zien dat vanuit het niets ineens asfalt begint en dus ook de stad. In de stad wordt onze watervoorraad aangevuld en moet onze chauffeur even wat afgeven. Net buiten de stad blijken we een lekke band te hebben. De band wordt verwisseld waarna we terugrijden naar de stad om de band te repareren. Oorzaak blijkt een simpele spijker en dat is best bizar aangezien we de meeste tijd over scherpe stenen heenrijden. Voor een tweede keer verlaten we de stad en nog geen kilometer verder stoppen we weer. Deze keer is het lunchtime! Terwijl onze kok een maal bereidt proberen wij de gekochte frisbee uit. Dit valt nog best tegen met de stevige wind die door de woestijn blaast. Onze lunch bestaat wederom uit een noodle soep en smaakt een beetje flauw. Eenmaal weer op pad gaat het gas erop om wat verloren tijd in te halen. We volgen een hele poos een hoogspanningslijn en soms lijkt het erop dat er tientallen sporen naast elkaar liggen. De wind wakkert aan en zo nu en dan wordt er veel zand over de weg geblazen. Ondanks dat de ramen gesloten zijn ademen wij in de auto ook veel stof in en dat is best vervelend. We rijden veel en stoppen soms voor een kleine pauze. Aan het eind van de middag stopt onze chauffeur een aantal keer om de weg te vragen. Het lijkt wel of hij verdwaald is. Ondanks dat de weg ineens ophoudt valt dit wel mee, want we zijn precies waar we wezen moeten, namelijk de ´White Stupa´. Dit adembenemende stuk woestijn bestaat uit allerlei gekleurde rotsformaties die tussen steile kliffen liggen. Ons doet het nog het meest denken aan de Painted Desert uit Amerika. Het grootste verschil is dat we hier bijna uit ons broek waaien zoveel wind dat er staat. Dit is trouwens voor foto’s maken ook best lastig. Een paar kilometer bij dit punt vandaan woont onze nomade familie waar we vannacht slapen. We worden na enige tijd onthaald in de Ger tent van de familie waar we zoetige kamelenmelk thee en een koek krijgen. We treffen weer de zelfde groep aan als gisteravond alleen nu blijkt dat er voor ons geen tent meer over is. Daarom slapen we in de hoofdtent samen met de grootmoeder van het gezin. Als wij onze Nederlandse fotocollage laten zien aan onze gidsen en de familie, blijkt dat één van de vrouwen een beetje Engels spreekt. Hierdoor horen we dat de familie 90 kamelen heeft en sinds november vorig jaar op deze plek woont. Ons eten wordt vers gemaakt op de kachel die gestookt wordt op gedroogde kamelenmest. De WC blijkt hier trouwens “everywhere” te zijn wat zoiets betekend als, zoek een beschut plekje en zorg dat niemand je ziet… Moe en voldaan gaan we uiteindelijk slapen op een mat op de harde vloer.

17 mei. Een beetje gebroken worden we om 7.00u voor de zoveelste keer wakker. Aangezien de familie thee gaat zetten beslissen wij op te staan. We frissen ons een beetje op en na een ontbijt met een eitje gaan we al om 8.00u op pad. Onze gidsen lijken wel haast te hebben. We stoppen eventjes in een stadje en gaan dan weer op weg. Er zitten ruige stukken tussen maar ook kale vlaktes. We hebben een aantal korte stops gehad als ineens in de verte een grote stad op duikt, Dalanzagad. Op de sporen naar de stad gebeurt hetzelfde fenomeen als rijden op een Nederlandse dijk. Door het slingeren duurt het best lang voor we uiteindelijk de hemelsbrede korte afstand hebben overbrugd. In de stad stoppen we bij een gebouw. Dit blijkt een algemeen douchgebouw te zijn we ons heerlijk kunnen opfrissen na drie stoffige dagen. Eenmaal weer lekker schoon rijden we nog een klein stukje verder voor we op een gerkamp zijn net buiten de stad. Dit blijkt onze overnachtingsplek te zijn. Een beetje vroeg om 13.00 uur maar ook wel lekker een beetje vrije tijd. De middag gebruiken we om aan ons verslag te werken, Rhianne zoekt de route verder uit en Erwin studeert wat. Om de tijd wat te doden gaan we samen met Ville poolen. Ze kijken ons een beetje raar aan, maar we krijgen een tafel. Op een tafel met een los laken en hoekje in sommige ballen vermaken we ons prima. Ons avondeten is wederom een simpele noodlesoep die niet echt vullend is. Kijk, daarom hebben we nou noodvoorraad gekocht… De eigenaren van de gerkamp hebben een zoontje van een jaar of drie. Wij maken hem heel blij met één van de grote oranje ballonen die wij mee genomen hebben uit Nederland. Gevuld met zand maakt deze een leuk geluid.

18 mei. Wetende dat we een druk programma hebben vandaag staan we om half 8 op, we zorgen dat alle spullen zijn ingepakt voor het ontbijt van half negen. Helaas komt er geen ontbijt en als Erwin om 8.45 even gaat vragen blijken de gidsen nog te slapen. Als 3x flink bonken op de deur niet helpt, is een schreeuw “good morning” genoeg om de gidsen verschrikt wakker te maken. Uiteindelijk kunnen we 10 minuten later eten (ditmaal eenvoudig cornflakes en cake zodat we om 9.15 uur vertrekken). Ons eerste doel is Yolin Am, dit is een gletsjer in een smalle vallei die tot eind augustus te zien is en dan pas eind oktober weer aangroeit. Vanaf de parkeerplaats is het bijna twee kilometer wandelen tot we het ijs bereiken. Vlak voor de gletsjer zien we het dode lichaam van een sneeuwluipaardenjong (wat later een wilde kat bleek te zijn). Het beest ziet er nog prachtig uit en dit is best uniek om te zien. Eenmaal op de gletsjer blijkt het ijs soms nog net zo hoog als wij zelf te zijn. Over een lengte van twee kilometer ligt nog ijs en dan is het op. We wandelen nog een stukje verder voor we terug gaan om te genieten van een lunch die onze gidsen ondertussen hebben klaar gemaakt. Pas rond half twee gaan we weer op weg naar onze volgende bestemming, de zandduinen van Khongorin Els. Het eerste stuk van de deze tocht is zeer mooi en zeer ruig waarbij we vaak alle kracht van de auto moeten aanspreken en flink door elkaar geschut worden. Het laatste deel van dit stuk rijden we door een kleine rivier en zelfs langs een flink stuk ijs. Soms is de vallei niet veel breder dan de auto. Na dit stuk wordt Het landschap saai en is het bijna te vergelijken met een maanlandschap. We hebben ruim vier uur nodig om de eerste witte zandduinen te zien opgroeien tegen de bergen die de vallei omsluiten. Al blijven ze lastig te zien door de vele wind die het zand doet opwaaien. Nog een klein uur verder komen we eindelijk bij ons gerkamp aan. Hier blijken de Australiërs ook weer te zijn. Aangezien we graag de zon zien verdwijnen achter de duinen en we zin hebben in nog een stevige hike beslissen we tegen de hoogste duin op te klimmen. Met onze ervaring in Namibië, weten we dat we rustig de 100 meter over de kam omhoog moeten klimmen. Maar hier blijkt de wind echter zo sterk dat we bijna weggeblazen worden. We moeten dus af en toe stoppen om bij te komen. Helemaal boven kunnen we nog veel meer duinen zien maar rustig genieten van onze prestatie is er niet bij. Bovenop zijn zulke harde draai winden dat we elkaar amper kunnen horen en onze ogen kunnen openen. Een paar foto’s met de stofdichte camera verder beslissen we dan ook om weer af te dwalen. Uiteraard moet Erwin het laatste stuk nog even naar beneden rollen zoals hij op elke duin tot nog toe gedaan heeft. Vol met zand komt hij beneden aan. Eenmaal terug in het kamp is het al negen uur en staat een heerlijke rijstmaaltijd op ons te wachten. Voor we kunnen slapen is er voor Erwin Mcgyver eindelijk weer een klusje. Een stuk van het dak moet provisorisch dichtgemaakt worden met tyraps, wat Ducktape en een handdoek om er voor te zorgen dat het niet te koud en winderig in de tent wordt.

19 mei. Aangezien de bedden kei hard waren hebben we niet echt lekker geslapen. We zijn dan ook om half acht weer op. Het ontbijt komt om acht uur een halfuurtje eerder dan afgesproken en dat komt goed uit aangezien we naast de langste rijdag (350km) ook nog gaan kameel rijden. Als we klaar zijn blijkt de auto van de Australiërs kapot en wordt besloten dat zij eerst met ons gaan kameel rijden. Helaas komen zij net uit bed dus het duurt een halfuurtje langer voor we weg kunnen. Het kameel rijden is een leuke ervaring. Hobbelend op de rug gaat het richting de duinen. Iedereen houd het touw vast wat aan de kameel naast hem of haar vastzit. Eenmaal in de duinen maken we nog een leuke groepsfoto en zijn daar na ruim een uur weer terug op plaats van vertrek. Nu moeten eerst de a Australiërs terug naar ons kamp en dan kunnen we eindelijk starten aan de lange rijdag, het is dan 11 uur. Onderweg stoppen we één keer wat langer voor de lunch, soep met stukjes kamelenvlees en verder soms voor een plas of fotopauze. Stukken zijn heel mooi en afwisselend sommige lang en saai. In Tsogttsetsly hebben we diner en zien nog even hoe een vastgelopen vrachtauto wordt losgetrokken uit het zand. Het is zeven uur als we starten aan de laatste 100 kilometer. Terwijl de zon langzaam daalt, beginnen wij steeds ongemakkelijker te zitten. We zijn er klaar mee voor vandaag. Gelukkig duikt er 30 kilometer voor de stad ineens een asfalt weg op. Nu kunnen we tenminste, de gaten ontwijkend, de snelheid wat opvoeren. Pas om half 10 als het net als het helemaal donker is rijden we de stad in. De verdiende douche stellen we uit tot morgen. Eenmaal in de ger blijkt dit een mooi aangekleed exemplaar alleen met twee bedden. Dit wordt opgelost met een matras op de grond. Zelfs de kachel gaat even aan en we krijgen nog een lekkere noodle soep. Helaas blijkt er alleen geen werkende Wi-Fi verbinding aanwezig zodat even skypen om Erwin zijn zus te feliciteren er dit keer niet inzit.

Geplaatst in Mongolië, Rusland | Laat een reactie achter

St. Petersburg, Moskou en drie dagen trein

1 mei 2013. Op de dag dat koning Alexander voor het eerst als koning wakker wordt breekt voor ons eindelijk het begin aan van onze Trans Mongolië reis aan. De laatste reisbenodigdheden worden ingepakt en het huis wordt nog even vlug gestofzuigd. Klokslag half 10 worden we door Erwin zijn broer, Ronald en ons nichtje Ilse opgehaald met de auto. Als we bijna bij Schiphol zijn ontdekken we dat Koen niet in de auto is gestapt. Helaas ontbreekt de tijd om hem alsnog op te halen. Gelukkig vernemen we dat er op Schiphol achter de douane een stand-in ligt te wachten. Dit blijkt Floppy de leeuw te zijn. Getooid in oranje sportbroek en Holland shirt gaat hij proberen de taak van Koen over te nemen. Nog voor vertrek maakt hij vriendjes met een knaagdier uit Amerika. Ons vertrek loopt wat uit als blijkt dat de vluchtglijbaan van ons vliegtuig bij aankomst op de vorige vlucht per ongeluk is geactiveerd. Met ruim een uur vertraging laten we Nederland uiteindelijk achter ons. De vlucht is prima te noemen en ons luchtdiner bestaande uit rijst, spinazie en kip, smaakt prima. Bij aankomst in St Petersburg schijnt de zon nog volop. Iets minder zonnig is de douane check. Het vrouwtje kijkt behoorlijk nors en moet dan ook flink wat typewerk verzetten voordat we door de poortjes mogen. Rammelbus K13 brengt ons naar het metrostation Moskovskaya. Met flink steile roltrappen dalen we af. Twee keer overstappen later komen we bij Ligovsky Prospekt. Vanaf hier is het maar een klein stukje naar ons hoste lLigovsky 74. Dit ligt in een oud gebouw. We krijgen een kleine kamer met raam naar de dorm en eten in een restaurantje in het zelfde gebouw. De ene ober die tientallen tafeltjes moet bedienen spreekt geen Engels. Yes, het betere handen en voetenwerk kan weer gebruikt worden. Na het eten maken we nog een blokje om, hierna maken we het plan voor morgen en gaan dan om 01.00 uur slapen.

2 mei. Als we om half negen opstaan, missen we duidelijk de twee uurtjes tijdverschil. Alles gaat wat langzamer dan normaal. Gelukkig gaat dit gevoel snel weg eenmaal buiten het hostel. Het weer is prima met een zonnetje en 15 graden, alleen de wind mag iets minder. De metro brengt ons op Nevsky Prospekt. Dé winkelstraat van Sint Petersburg en met de nodige mooie gebouwen. Meest in het oog springt de Church of St Catherine en de Kazan Cathedral. In de laatste gaan we naar binnen. Aangezien nagenoeg iedere vrouw hier binnen een hoofddoek draagt lost Rhianne dit op met haar sjaal. We wandelen verder naar de Hermitage, het museum bekend om zijn beroemde schilderijen en prachtige galerijen.

De toegang is vandaag gratis en dat betekent een wachtrij. Helaas schatten we deze verkeerd in en pas na 2,5 uur wachten mogen we met wat dringen naar binnen. Het museum vergoed veel en is inderdaad prachtig. Na ons bezoek loopt het al tegen vijf uur. Aangezien de omloop van de St Isaac’s Cathedral net dicht is moeten we even wachten. Het uitzicht over de stad, op bijna vijftig meter hoogte, is prachtig maar wel koud door de stevige wind. Na dit hoogtepunt lopen we naar de bloedkerk die nog mooi straalt in de ondergaande zon.

Het blijft stevig waaien en een beetje verkleumd beslissen we te gaan eten in een restaurant waar een Russisch buffet wordt geserveerd. Aangezien het nog te licht is om foto’s van verlichte gebouwen te maken, gaan we ons tot 22.00 uur letterlijk en figuurlijk verder verdiepen in de St. Peterburgse metro. Het metrostelsel van deze stad behoord tot de diepste ter wereld en het is dan ook heel gewoon om tot drie minuten te moeten afdalen met een roltrap. Ieder station is uniek en zeker een aantal langs de rode lijn zijn de moeite van een bezoek waard. Sommige oude metro’s zijn zelfs nog uitgevoerd met hele oude hang lampen. Eenmaal weer boven is het inderdaad donker. We maken nog wat mooie foto’s en gaan met de metro terug naar “huis”, waar we precies om twaalf uur arriveren.

3 mei. We geven om 9.00 uur acte de préséance. Deze dag staat grotendeels in het teken van het Peterhof. Dit zomerverblijf van Peter de Grote, beroemd om zijn prachtige tuin met fonteinen, ligt 35km buiten St. Petersburg. De heenreis gaat met de draagvleugelboot over de golf van Finland. Een leuke belevenis. Het valt direct op dat de bomen en planten nog niet in bloei staan. Dit is wel jammer. Gelukkig zijn wel alle fonteinen aan en deze zijn in de stralende zon nog mooier. Maar liefst 147 fonteinen sieren de lage tuin. Het paleis staat volledig in de steigers, zoals wel meer (beroemde) gebouwen in de stad. We vermaken ons de hele middag in het park.

De terugreis kiezen we voor de bus en dit blijft een hele uitdaging zonder de nodige talen kennis. Gelukkig kunnen we namen vergelijken met onze reisgids. Afrekenen bij de chauffeur gaat wat lastiger deze keer, maar lukt uiteindelijk ook. Eenmaal terug in de stad gaan we op zoek naar Russische pannenkoeken als avondeten. Dit valt nog niet mee aangezien de meeste restaurants erg prijzig zijn. Bij toeval ontdekken we ‘Tepemok’, een fastfood restaurant waar het menu bijna volledig bestaat uit de Russische lekkernij. We kiezen voor pannenkoek met hamburger, pannenkoek zalm en pannenkoek kip/groenten. Ze smaken ons heerlijk. Dit geldt ook voor het dessert, pannenkoek banaan/chocola. Nog één keer duiken we de diepte in voor de metro terug naar het hostel. Hier relaxen we nog wat en gaan dan op weg naar het treinstation. Om 23.55u wordt “The Hymn to the Great City” gespeeld, waarbij alle provodnika’s (steward(ess) op de trein) netjes staan opgesteld naast de deuren van de trein. Deze ceremonie is het vertreksignaal voor de trein. In onze nette coupé, treffen we naast opgemaakte bedden ook een Rus aan, Vladimir. Hij spreekt bijna geen Engels waardoor communiceren lastig is. Moe van het struinen door de stad gaan we vrij snel na vertrek slapen.

4 mei. Rond half zeven worden we wakker. Erwin iets brakker dan Rhianne. Onze provodnika deelt ontbijtpakketjes uit met een broodje, wat beleg en yoghurt. Dit hebben we net achter de kiezen als de trein, precies volgens schema, aankomt in Moskou. Op het perron staan Dimitri, onze host en Vladimir de eigenaar van onze homestay ons op te wachten. Met de laatst genoemde gaan we, met de metro, naar zijn appartement in een grote flat een kilometer of 8 buiten het centrum. Hier ontmoeten we ook Natalia zijn vrouw. Na een bijkom moment en de nodige uitleg van Dimitri die nog even langskomt, gaan we op pad om Moskou te verkennen. We starten in het grote vrijheidspark, vlak in de buurt van het appartement. Het weer is een beetje druilerig dus dat is jammer van de foto’s. Bij de kerk is een ceremonie aan de gang in verband met het Russisch Pasen wat vandaag gevierd wordt.

Verder zit in dit park een groot vrijheidsmuseum met een enorm arsenaal aan wapens en legervoertuigen te zien. Wij beslissen om door te gaan naar het centrum en doen onderweg nog even een hamburgertest bij de McDonalds. Deze is goed te noemen net als de passievrucht/mango shake. Via Ul Arbat, één van de beroemde winkelstraten van Moskou, komen we aan bij het Kremlin. Hier kopen we een kaartje voor een bezoek aan deze beroemde regeringsgebouwen. Aangezien de miezerregen over gaat in een flinke plensbui gaan we aan een binnen (lees: ondergronds) programma beginnen. Net als in St. Petersburg herbergen veel metrostations een schat aan hoogtepunten. Voor 30 roebel (75 eurocent) kunnen we zo lang onder grond blijven als we willen. Als we ruim een uur later boven komen regent het nog steeds en gaan we van de nood een deugd maken en in een restaurant eten. Terwijl het buiten begint te onweren genieten wij van een heerlijke pastamaaltijd. Gelukkig voor het avondprogramma wordt het na het onweer droog en trekt de lucht heel snel open. Nu kunnen we mooie foto’s maken van de vele verlichte gebouwen in het centrum. Helaas is het rode plein hermetisch afgesloten in verband met de voorbereidingen op de militaire parade van 9 mei (Russische Bevrijdingsdag). Met wat omlopen lukt het toch om foto’s te maken, zelfs van de St Basil’s Cathedral. Het is al na twaalf uur als we terug zijn in onze homestay.

5 mei. Om 9 uur zitten we alweer aan een klein maar lekker ontbijt. Op het moment dat we het huis verlaten komen we Vladimir tegen met nieuwe gasten. Wij brengen eerst onze tassen naar de bagageopslag van het station waar we vanavond vertrekken en gaan dan naar de markt bij Izmaylovsky Park. Op deze markt, gelegen in een oud en vervallen pretpark, kunnen volgens zeggen goedkope souvenirs gekocht worden. Echt goedkoop is het niet maar de keuze is behoorlijk en zeker de Babuschkas zijn er met honderden tegelijkertijd te koop. We struinen ook nog even over de vlooienmarkt waar de nodige russen hun overtollige huisraad verkopen. Ook hier vinden we nog een leuk souvenirtje.

Net buiten de markt doen we ons te goed aan een flinke steak van de barbecue om zo de inwendige mens ook van Rusland te laten genieten. Als we aan het begin van de avond terug zijn op het rode plein trekt in een hele korte tijd de lucht open. Hierdoor krijgen we de gelegenheid om bij de ondergaande zon nog wat mooie foto’s te maken van Moskou’s Tsaarengoud. Met een bezoek aan het luxe GUM winkelcentrum komt een einde aan onze tweedaagse Moskou experience. We moeten namelijk om 23.00 uur op het station zijn om te gaan starten aan het eerste deel van onze Trans Mongolië Express. Treinnummer twee die uiteindelijk helemaal in Vladivostok in Siberië eindigt zal ons in bijna 80 uur naar Irkutsk brengen. Om half twee gaan we eens proberen te slapen in deze trein.

6 mei. We hebben lekker geslapen in onze coupé die we voorlopig nog met zijn tweeën delen terwijl er vier in kunnen. Het landschap bestaat voornamelijk uit bos en akkerland. Af en toe zoeft een dorp voorbij met houten huisjes. Om 12.01 uur stoppen we even op Viatka/Kirov station (957 km) en stappen uit om een frisse neus te halen. Eenmaal weer op gang zoeken we een stel foto’s van de laatste dagen uit. Drie uur later wordt bij het station van Baleyzino (1194 km), de loc gewisseld en hebben we wat tijd om buiten foto’s te maken. We verwonderen ons over de snelheid waarmee de uren voorbij zoeven. De trein is totaal niet druk. Wij zijn met de 11 andere Nederlanders verdeeld over twee coupés die verder helemaal leeg blijven. De meeste russen zitten in de 3e klas coupés, waarvan er twee in de trein zijn. Deze coupés ruiken toch wel een beetje onfris en de verblijfsruimte is erg klein. Bij de volgende stop (Perm 2, 1436 km) hopen we wat extra eten te scoren als afwisseling op onze instant maaltijden. Helaas blijkt dit niet het geval en doen we ons later op de avond tegoed aan instant pasta. Omdat deze voor een avondmaaltijd niet vullend genoeg is, gaan we naar de restauratiecoupé. Hier aangekomen blijkt de keuken om21.15 al gesloten te zijn. Alleen werken ze blijkbaar hier wel met de lokale tijd in plaats van Moskou tijd, het is dus al 23.15u.

7 mei. Wederom zijn er deze nacht geen mensen bijgekomen in de coupé. Het is wel een stuk warmer in de trein en dat komt vast door het zonnetje wat al flink wat kracht begint te krijgen zo op de vroege morgen. Gelukkig stoppen we al snel op het station van Ishim (2431 km) waar we even kunnen afkoelen. Na de stop vindt Erwin een raam wat open kan en dit geeft ook in de trein wat frisse lucht. Helaas denkt onze provodnika er anders over want nog geen halfuur later wordt het raam dichtgedaan en deze keer op slot. We vermaken ons in de trein met gesprekjes met de andere Nederlanders, zoeken nog wat foto’s uit, werken de verslagen voor de website bij, lezen en kijken naar leuke punten in het landschap. Deze staan namelijk allemaal beschreven in onze Trans Mongolië reisgids. Tussendoor stoppen we nog even op het station van Omsk. Het station van deze grote stad ligt op 2712 kilometer. Ondanks dat in de middag alle ramen opengezet mogen worden loopt de temperatuur in onze coupé op richting de 26 graden. De airco blijkt defect te zijn en gelukkig mogen we verhuizen naar de coupé voor ons. Hier is het met airco een stuk aangenamer. Wel komt Erwin er achter dat fluiten in deze coupé niet mag van de provodnika aangezien hij vermaand wordt als hij dat doet. (5 dagen later als we weer internet hebben zoeken we dit even op en begrijpen de vermaning. In Rusland binnen fluiten betekend dat de gastheer al zijn geld zal verliezen. Sorry provodnika, ik zal het de laatste 1000 km in Rusland niet meer doen…). Aan het einde van de middag stoppen we na 3040 kilometer op het station van Barabinsk waar lokale moedertjes gedroogde vis, vispannenkoeken en koekjes verkopen. Samen met een bezoek aan de supermarkt die vlak bij het station ligt zorgt dit ervoor dat onze voorraad weer flink wordt aangevuld. De trein rijdt stipt op tijd en we moeten zorgen dat we in de buurt blijven van de trein aangezien deze geen vertreksignaal geeft. Nog één keer stappen we uit om nog even te luchten voor het slapen gaan. Op dit station, Novosibirsk staat een mooie toren en een oude stoomlocomotief. We hebben dan 3335 kilometer afgelegd.

8 mei. Om vast een beetje aan de lokale tijd te wennen (we schuiven vier tijdzones door), staan we midden in de nacht (Moskou tijd) op. Lokaal is het dan half 8 en hebben we 3715 kilometer afgelegd. We wandelen even over het station van Mariinsk, wat weinig om het lijf heeft en beslissen toch nog een uurtje slaap extra te pakken. Als ontbijt en lunch eten we dus de kliekjes van gisteren op, bestaande uit vispannenkoeken, brood en yoghurt. Het landschap is een stuk afwisselender geworden. Berkenbomen worden afgewisseld door dennenbomen. Het landschap wordt glooiender en de trein slingert veel meer door het landschap. Vanuit de trein zien we soms nog grote brokken ijs liggen van wel 50 centimeter dik terwijl de meeste bomen volop aan het uitlopen zijn. Siberië kent dan ook weinig overgang tussen de winter en de zomer. Binnen een paar weken is het hier volledig groen en is het ijs gesmolten. Net voor het station van Krasnoyarsk zien we kilometerpaaltje 3932. Dit betekend dat we precies halverwege onze trip naar Beijing zijn. Op het station, waar we ook even stoppen, is wederom weinig te beleven. Er zijn wat kiosken maar die verkopen geen vers eten. Gelukkig gebeurt dit bij Ilanskaya na 4375 kilometer wel. Eindelijk staan daar vrouwtjes met verse pannenkoeken, vis, kip, bier en nog veel meer lekkernij. Het kost weinig moeite om ons avondeten bij elkaar te scharrelen. Nog eenmaal maken we ons klaar om te gaan slapen tijdens deze rit.

Geplaatst in Rusland | 1 Reactie